Recensies

Recensies

 

Het boek 'Wanneer krijgen we weer les?' heeft een goede recensie gekregen van NBD Biblion.

De recensie van NBD Biblion is heel belangrijk. Deze recensie wordt door alle bibliotheken en veel (online) boekhandels overgenomen als aanschafinformatie.

Het boek heeft ook veel andere recensies gekregen, die hieronder worden weergegeven. 

 

Overzicht recensies

1.    NBD Biblion (Mart Seerden)

2.   Algemene Vereniging Schoolleiders - AVS / Kader Primair (Jan Stuijver)

3.   Rotterdams Onderwijs Magazine - ROM (Marieke van den Vlekkert-Maatje)

4.   Beter Onderwijs Nederland - BON (Ton Bastings)
5.   KomenskyPost (Jan Lepeltak) 
6.   Wij-leren (Joost Karels)
7.   Didactief (Erik Ex)
8.   Remediaal (Nico Schouws)
9. Zorg Primair (redactie)

1. Recensie van: NBD Biblion

Actuele uitgave over de praktijk van systeemwijzigingen in het (beroeps) onderwijs. Dit keer: gepersonaliseerde leerroutes voor jongeren.

De auteur, werkzaam op een ROC, maakt de systematische verandering van dichtbij mee en doet dit op verhalende wijze: in de vorm van een autobiografische vertelling met de nodige humor, zorgzaamheid en zorgelijkheid, maar tegelijkertijd ook als een informatieve tocht in drie fases doorheen de gekozen verandering.

In haar gedetailleerde verhaal onderscheidt de auteur de praktijk van drie opeenvolgende schooljaren: het idee wordt geopperd, de praktijk wordt ingericht, de slag naar een nieuwe werkelijkheid wordt gemaakt. Een verhaal van haken en ogen, frustraties, kleine en grote successen en mislukkingen, vraagtekens bij leerlingen en docenten. Leraren zijn gewend (traditioneel) les te geven - leerlingen zijn gewend (traditioneel) les te krijgen. Verandering vraagt veranderbereidheid, maar ook facilitering van de nieuwe opdracht.

Een schrijnend verhaal (geen klaagzang!) met weinig winnaars aan de meet. Inclusief begrippenlijst (jargon). Actuele en herkenbare vertelling, die in dit tijdsgewricht een grote doelgroep lezers zou moeten kennen.

Mart Seerden - NBD Biblion (november 2019)

 

2. Recensie van: Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS)

Wanneer krijgen we weer les? In tijden van lerarentekorten een vraag die kinderen wellicht geregeld stellen. Maar daar gaat dit boek niet over. Wel over veranderen. Paula van Manen beschrijft hoe haar school het roer omgooit naar gepersonaliseerd onderwijs. Dat gaat met vallen en opstaan, blijkt uit haar relaas. 

Leerlingen die zelf de keuze krijgen in welk tempo en op welke manier ze werken aan hun leerdoelen. Dat is gepersonaliseerd onderwijs in een notendop. Dat het toekomst heeft, daar zijn veel schooldirecties in alle onderwijslagen (primair, voortgezet, mbo en hbo) van overtuigd. Maar het is ook een containerbegrip dat op elke school anders vormt krijgt. 

Bij het lezen van dit boek krijg je een kijkje in de keuken van het organiseren van de benodigde veranderingen op een school. Het zijn verhalen uit de dagelijkse praktijk die veel herkenning opleveren voor iedereen die in het onderwijs werkt. Hoe kom je tot een gezamenlijke ambitie, hoe creëer je draagvlak?

Op humoristische wijze wordt de omvangrijke vernieuwing op de school beschreven. Klassikale lessen maakten plaats voor het zelfstandig behalen van doelen, docenten werden leercoaches, lokalen werden leerpleinen. Nieuwe dagelijkse bordsessies, doelenboekjes, kleuren in plaats van cijfers, woordrapporten, inspiratiebijeenkomsten, ben-op-tafel-sessies: alles passeert de revue in deze openhartige schets van deze hedendaagse onderwijspraktijk, die niet nalaat te tonen waar verandering schuurt - zie bijvoorbeeld de vertwijfeling bij collega's over het werken met digitale portfolio's. 

Na lezing van dit boek dringen zich vragen op als: Waarom doen we de dingen zoals we het doen? Wie heeft er baat bij? Voor welke leerlingen is deze manier van leren geschikt? Zijn scholen wel voldoende toegerust om hier goed vorm aan te geven? Is gepersonaliseerd onderwijs wérkelijk de toekomst? In het boek zelf wordt niet echt antwoord gegeven op deze vragen. Dat is jammer. Maar tussen de regels door zie je dat het veranderen met vallen en opstaan gaat en dat het niet voor iedere leraar een succes is. Projectmatig werken is ons niet geleerd, schetst een van hen. Die ervaart het aanmaken en methodisch verantwoord uitvoeren van projecten met het genoemde portfolio meer als een doel op zich dan dit het onderwijs ten goede zou komen. Dat het boek ruimte biedt voor dergelijke tegengeluiden, maakt het geloofwaardig.

Het boek leest makkelijk en laat ook de mooie kanten zien van het werken in het onderwijs. Na lezing realiseer je je weer dat veranderingen niet vanzelf gaan en je er als leidinggevende goed richting aan moet blijven geven. Het is daarmee een aanrader voor iedereen in het onderwijs die stil wil staan bij de vraag of we de juiste dingen doen en wil reflecteren op de eigen rol daarin. 

Jan Stuijver - Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) - Kader Primair / nr. januari 2020


3. Recensie van: Rotterdams Onderwijs Magazine (ROM)

In een prettig geschreven boek neemt Paula van Manen ons mee in het perspectief van de docent in een nieuw onderwijsconcept. Paula is docent in het mbo; in de praktijk heet dat leercoach en studieloopbaanbegeleider. Termen die horen bij het onderwijsconcept 'gepersonaliseerd leren'. 

In haar boek Wanneer krijgen we weer les? beschrijft ze de eerste twee jaar van werken met dit concept. Ze laat zien hoe de docent zich verhoudt tot deelnemers en tot de organisatie. Vele dilemma's komen er op de docenten af. En daarmee toont Paula hoe complex een vernieuwing is binnen een mbo-opleiding, of elke andere onderwijsorganisatie. 

Al lezende hoopte ik op een happy end aan het einde van de beschreven twee jaren. Dat de vele tegenslagen toch tot een succesverhaal zouden leiden. Dat happy end volgt niet, wel het besef dat een onderwijsvernieuwing een zeer tijdrovend proces is. En dat de compromissen die er op alle vlakken gedaan worden vaak begrijpelijk, maar zeker niet bevorderlijk zijn. 

Misschien kunnen we na schooljaar '20-'21 een vervolg verwachten waarin een eindconclusie doorklinkt? Ik zou het graag lezen. 

Marieke van den Vlekkert-Maatje - Rotterdams Onderwijs Magazine (ROM) / 22-01-2020

 

4. Recensie van: Beter Onderwijs Nederland (BON)

De (...) mbo-docent Paula van Manen schreef met Wanneer krijgen we weer les? een verslag over het gepersonaliseerd leren in het mbo. Vanwege dat boek werd zij geschorst. De titel van het boek doet sterk denken aan die van de brandbrief van de Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs (JOB) uit 2007 Wij willen les. Die brief was destijds aanleiding voor de parlementaire onderwijsenquête van de Commissie-Dijsselbloem. Ook dit 'leerzame' boek kan men lezen als een brandbrief en zou derhalve verplichte koste moeten zijn voor de onderwijsfracties van alle politieke partijen. 

Wanneer krijgen we weer les? laat zich lezen als een roman. Van Manen stelt vooraf dat de namen van de personages zijn gefingeerd. Toch meenden een aantal collega’s zich te herkennen in het boek. Dan zou het dus om een soort sleutelroman gaan, een variant op Onder professoren van Hermans. Maar die vlieger gaat niet op. Ik werk niet op het ROC (...), maar toch herken ik naadloos de personages in haar verhaal. Het zijn gewoonweg stereotypen die alle roc’s bevolken. De vele leidinggevenden en teamleiders zijn allemaal uit hetzelfde hout gesneden. Zij hebben geen verstand van en affiniteit met het onderwijs en duwen blind de zoveelste onderwijsvernieuwing bij de leraren , die dat overigens braaf slikken, door de strot.

De dagelijkse praktijk die Van Manen beschrijft is zeer herkenbaar voor iedereen die op een roc werkt. De lamlendige sfeer op de leerpleinen, waar ‘studenten’ de hele dag als zombies naar een beeldscherm staren, koptelefoon op en smartphone bij de hand. De zinloze studiedagen, het wollige taalgebruik, de leraar als administrateur en het bedroevend kennisniveau van de leraar, coach, trajectbegeleider e.t.q.

Van Manen heeft alles toegankelijk en met mildheid beschreven. Nergens, maar dan ook nergens is er sprake van rancune of ressentiment. Objectief en met een grote betrokkenheid bij het onderwijs beschrijft  de ‘volgzame’ van Manen de treurige geschiedenis van het gepersonaliseerd leren op een roc. Het enige persoonlijke wat bij haar doorklinkt is verbijstering en ongeloof. Dat zij derhalve toch werd ‘bestraft’, verraadt de angstcultuur bij haar bestuurders en toont ook nog eens aan dat die niet kunnen lezen.

Dr. A.M. (Ton) Bastings - Beter Onderwijs Nederland (BON) / 15-01-2020

5. Recensie van: KomenskyPost  - onafhankelijk online onderwijsmagazine

Wanneer krijgen we weer les? Bouwen aan een kathedraal in woelig water.

"Je werkt in je eigen tempo aan de leerdoelen waarbij je veel persoonlijke aandacht krijgt van je leercoach. Je werkt op een leerplein, maar leren vindt niet alleen op school plaats, juist ook in de praktijk. Er is een vast dagritme waarbij je samen met je groep en een leercoach opstart en de dag doorneemt. En met deze groep sluit je de dag ook weer af."

Bovenstaande tekst klinkt toch best aardig. Het geeft aan hoe de opleiding tot (...) op de ROC (...) is opgezet. De opleiding wordt nergens in het boek van Paula van manen expliciet genoemd. Mogelijk met de enigszins naïeve gedachte dat haar boek Wanneer krijgen we weer les? De opmerkelijke praktijk van gepersonaliseerd onderwijs niet tot een bepaalde opleiding te herleiden zou zijn. 

In het boek hanteert de leiding van de opleiding de metafoor van het gezamenlijke bouwen van een middeleeuwse kathedraal. Dat doe je samen van de grond af aan. Voorbijgegaan wordt aan het feit dat hier jarenlange ervaring en vakmanschap van de bouwers aan ten grondslag liggen en die ontberen de leiding en de docenten van de opleiding ten enenmale. Cijfers maken plaats voor kleuren. Op een studiedag toont intervisiedocente en leercoach Josephine een filmpje. Men ziet een wild stromende rivier waarop fanatiek wordt geraft. De ene na de andere boot slaat om en bijna iedereen raakt in het water, ondanks alle pogingen om de rivier te bedwingen. ‘Dat zijn wij‘ roept een van de collega’s. Onderwijsbestuurders bouwen graag kathedralen. Dan gaat het vaak om dure prestigieuze gebouwen, maar ook om in het oog springende ‘nieuwe’ onderwijsconcepten. 

Het is niet prettig om daar op directe en herkenbare wijze aan te worden herinnerd. Schrijfster en docente Paula van Manen werd dan ook na de verschijning van haar boek vrijwel onmiddellijk geschorst.  

Dat onderwijsbestuurders gelijk in een kramp schieten als er iemand zijn ervaringen deelt is eerder regel dan uitzondering. Een van onze bloggers mag niet schrijven (ook niet geheel geanonimiseerd) over wat hij in zijn klas meemaakt. Zijn blogs zijn overigens zeer positief van toon en impliciet wervingsteksten voor het leraarschap. Dat kan niet direct van het boek van Paula van Manen gezegd worden. Het leest prettig en is soms mild humoristisch en geeft vanuit het perspectief van een docent een overtuigend reëel beeld van het managementmatig gerommel op een opleiding waar de leerling of student vooral zelfstandig aan zijn vaak zelfgeformuleerde doelen moet werken.  Dat was ook het failliet van het studiehuis waar een vergelijkbare onderwijsfilosofie aan ten grondslag lag. We kwamen die ook tegen bij verschillende iPad scholen waar de nodige van ter ziele zijn. Dat veel leercoaches na enkele jaren vertrekken is goed te begrijpen. Arme studenten.

Terwijl de onderwijsvernieuwingsslinger al weer in de richting gaat van een hernieuwde waardering (op basis van onderzoek) van expliciete directe instructie, zien we dat veel opleidingen nog rustig doorgaan met experimenteren. De vraag is of de beschreven praktijk wel een goed voorbeeld is van gepersonaliseerd leren. Het lijkt eerder een slecht doordacht voorbeeld van vernieuwing dat eerder leidt tot vernieling.  Montessori-onderwijs is ook in bepaalde zin gepersonaliseerd, maar stelt bijzondere eisen aan de leerkrachten. Het bracht veel succesvolle leerlingen voort al kleeft er wel een elitair luchtje aan.

Prachtig is de begrippenlijst achter in het boek. Het bevat een lexicon van new speak: docenten worden leercoaches, een mondeling examen wordt een criteriumgericht interview (CGI), de Growth Mindset, de HOE’tjes, Positive Behaviour Support (PBS), de studentenarena (staat wel in het boek niet in de lijst).
Van gelijke monniken gelijke kappen blijkt vaak geen sprake. Sommige studenten hebben hun doelen nog niet gehaald, maar mogen van hun leercoach wel op voor het examen, anderen bij hun coach weer niet (wat overigens de formele regel is).  

Om al deze experimentele vernieuwingen te karakteriseren als crimineel, wat Kirschner weleens doet, gaat wat ver, maar het getuigt wel van het ontbreken van lerend vermogen van veel onderwijsinstellingen. Wie les heeft gegeven op bijvoorbeeld een lerarenopleiding herkent veel van de bijna archetypische MT-leden. De gedreven – om niet te zeggen drammerige – directeur die voortijdig wordt overgeplaatst na achterlating van een financieel gat en een beleidsfunctie binnen de instelling krijgt. De zinloze studiedagen die met vaak ingehuurde krachten leiden tot onduidelijke en soms belachelijke oefeningen. Van Manen geeft enkele mooie voorbeelden zoals het allemaal een touw vasthouden (‘verbondenheid’) en vervolgens het stoeien met kussens (het opnoemen van ‘stoeipunten’). Het lesgeven in workshops waar je op moet inschrijven deed me denken aan de revolutieperiode eind jaren ’60 bij de studie Neerlandistiek aan de UvA. Ze werden weer gauw afgeschaft.

Eerlijk gezegd werd het lezen van het boek me op den duur wat te veel. Verviel de auteur van haar ‘luchtige’ toon soms niet in een beetje gezeur? Dan weer zijn de koekjes die op een avond gepresenteerd worden erg zuinig, maar een andere keer zijn het gebak en de bonbons afkomstig van een wel hele dure patisserie (overdreven). Een poster maken voor je studenten met inhoudelijke informatie lijkt me toch echt niet zo moeilijk: “…en het maken van posters behoorde evenmin tot mijn expertise. Daarom besloot ik voorlopig geen workshops te verzorgen, hoe leuk en zinvol ik dat ook vond.”
Het komt dus nooit meer goed met die opleiding en met Paula van Manen die, laten we eerlijk zijn, het daar waarschijnlijk ook niet leuk en zinvol vindt. Dat laatst is zeer begrijpelijk.

Jan Lepeltak - KomenskyPost / 04-03-2020

6. Recensie van: Wij-leren - Kennisplatform voor het onderwijs

In 'Wanneer krijgen we weer les?' maak je kennis met de ervaringen van Paula van Manen die zij de afgelopen jaren heeft opgedaan op de MBO-school waar ze werkt. Op een luchtige en vlotte manier beschrijft zij de overstap die haar beroepsopleiding maakte naar een nieuw onderwijsconcept met gepersonaliseerd onderwijs. 

Het boek begint met een metafoor van een groots legobouwwerk. Dit bouwwerk beeldt het toekomstideaal van het nieuwe leren uit. Als de collega's op een studiedag rond het bouwwerk staan, stort het bouwwerk na een kleine aanraking met veel rumoer in elkaar. De toon van het boek is daarmee gelijk ook gezet.

Als lezer maak je kennis met allerlei fenomenen die horen bij de onderwijsvernieuwing: vergaderingen , docenten en klassikale lessen maken plaats voor bordsessies, ondersteunende leercoaches en studenten die zelfstandig werken aan beroepsgerichte leerdoelen.

Deels thematisch en deels chronologisch beschrijft de auteur haar ervaringen. Daarbij heb je als lezer op momenten het idee dat je een dagboek aan het lezen bent: ervaringen van de schrijfster die vanuit therapeutisch oogpunt aan het papier zijn toevertrouwd. Dit maakt het boek op zichzelf persoonlijk en op momenten ook prettig herkenbaar. Het komt alleen niet ten goede aan de objectiviteit.

Het boek kan dienen als spiegel om eens kritisch te kijken naar de kwetsbare kanten van gepersonaliseerd onderwijs. Het is vooral ook helpend voor scholen die zelf aan de voorkant van een transitie staan. Waar moet je als school in dat proces op letten en wat moet je vooral zien te voorkomen? 

Dit boek gaat over de eerste -dynamische- periode na zo'n overstap. Op basis daarvan de onderwijsvorm op zichzelf beoordelen, is te prematuur. Vanuit dat oogpunt vraagt dit boek om een opvolger waarin wordt beschreven hoe 'volwassen' gepersonaliseerd onderwijs eruitziet.

Al met al moet je dit boek niet lezen als je op zoek bent naar een zorgvuldige analyse van bepaalde onderwijsvernieuwingen. En voor zover je bij dit boek kan spreken van een tegengeluid, wordt dit nooit echt onderbouwd. Daarmee vormt het ook geen wezenlijke toevoeging aan het debat. Voor geïnteresseerden en gelijkgestemden is 'Wanneer krijgen we weer les?' wel een humoristisch en kritisch inkijkje in de dagelijkse onderwijspraktijk op een MBO-school. 

Joost Karels - Wij-leren / 05-03-2020


7. Recensie van: Didactief - onafhankelijk onderwijsvakblad
ROC-docent doet boekje open.

Auteur Paula van Manen werd geschorst na publicatie van haar boek. Met humor en vaart beschrijft ze de flop van een te snelle vernieuwing.

Wanneer krijgen we weer les? gaat over de invoering van gepersonaliseerd leren op het ROC (...). De school stelde docent Van Manen op non-actief wegens geschonden vertrouwen en te herkenbare personages. Het werd breed uitgemeten in de media. Maar wat staat er eigenlijk in het veelbesproken boek? Drie schooljaren aan onderwijsvernieuwing, met een feest van herkenning aan jeukterminologie. De student moet 'centraal', we moeten oog hebben voor individuele 'leerbehoeftes' en docenten zijn plots 'leercoach'. Klaslokalen worden leerpleinen en vaardigheden heten skills. Van Manen beschrijft het met humor en vaart. 
Gevolg van de vernieuwingen: een boterzachte cultuur. Docenten buigen mee zodat studenten hun eigen leerroute kunnen bepalen. Op de leerpleinen wordt het een indoor picknick, met films of spelletjes. Sommige studenten floreren, maar de meesten raken achterop en kunnen uiteindelijk niet aan hun examens beginnen. De auteur lijkt gepersonaliseerd leren op zichzelf niet compleet af te serveren. Het probleem is vooral de snelheid van de veranderingen. De studenten snappen nauwelijks waar ze mee bezig zijn, maar, zo merkt er een op: 'Volgens mij snappen jullie zelf ook maar half waar jullie mee bezig zijn.' 

De kern zit in de top-down invoering. In het jaar ervoor zijn de docenten nog nauwelijks op de hoogte, in het eerste jaar vertrekt de opleidingsmanager. Docenten maken er het beste van, met deskundigheid en toewijding. Weinigen trekken aan de bel, maar in een-op-eengesprekken blijken hun bedenkingen. Het team neemt dagelijks de dag door (inclusief kinderachtig smileyritueel), toch lijkt er onvoldoende 'draagvlak gecreëerd'. De schoolleiders hebben dat te laat door. Ze bedoelden het goed: door vernieuwing en verandering blijf je bij de tijd. Maar dit boek bewijst hoe dat tragisch kan misgaan.

Erik Ex - Didactief / nr. maart 2020

8. Recensie van: Remediaal - Vaktijdschrift  voor Educational Needs

Paula van Manen is een gevierd schrijfster van kinderboeken (o.a. van de (turn)serie Sanne). Daarnaast is ze orthopedagoog en onderwijskundige. Als leercoach en studieloopbaanbegeleider op een ROC schreef ze het boekje 'Wanneer krijgen we weer les?' De ondertitel luidt: De opmerkelijke praktijk van gepersonaliseerd onderwijs. 

In haar gedetailleerde verhaal, in een soort dagboekvorm, onderscheidt ze de praktijk van drie opeenvolgende schooljaren rond gepersonaliseerd leren: het idee wordt geopperd, de praktijk wordt ingericht, de slag naar een nieuwe werkelijkheid wordt gemaakt. Een verhaal van haken en ogen, kleine en grote successen en mislukkingen, vraagtekens bij leerlingen en docenten. Docenten zijn gewend (traditioneel) les te geven, leerlingen zijn gewend (traditioneel) les te krijgen. 

Van Manen verbaast zich, maakt zich zorgen, maar heeft geen wijzend vingertje. Je wordt als lezer meegenomen in de schoolsituaties van alledag en hoe de vernieuwingen daarin gestalte krijgen. De dagelijkse bordsessies, doelenboekjes, het geven van kleuren in plaats van cijfers, woordrapporten, inspiratiebijeenkomsten, benen-op-tafel-sessies... Alles passeert de revue in haar schets van deze hedendaagse onderwijspraktijk op haar mbo-school. Om alles te kunnen begrijpen is een begrippenlijst aan het eind van het boek toegevoegd.

In het boek beschrijft Van Manen dat de omslag voor zowel docenten als leerlingen veel te snel is gegaan. Zelfstandig werken is voor veel mbo-leerlingen volgens Van Manen nog te hoog gegrepen. Ze hekelt ook het weghalen van de muren van klaslokalen, waardoor leerlingen gedwongen zijn te verblijven op rumoerige 'leerpleinen'. Daardoor, stelt zij, kunnen ze zich onmogelijk op hun taken concentreren. Ze wijst op het grote percentage leerlingen dat de leerdoelen niet tijdig haalt, waardoor ze achterop raken voor het halen van hun diploma. 

MAATWERK

Gepersonaliseerd leren is een term die verwijst naar een individueel leerconcept oftewel maatwerk. Het onderwijs wordt afgestemd op de mogelijkheden en leerstijl van de individuele leerling. Wat houdt dat precies in? Gepersonaliseerd leren betekent dat een school in overleg met de leerling (en zijn ouders) een persoonlijk leerplan uitstippelt voor iedere leerling. Besproken wordt wat de leerling zelf wil bereiken. Dan wordt in het persoonlijke leerplan vastgelegd hoe hij zijn persoonlijke leerdoelen gaat bereiken, op welk niveau, in welk tempo en met welke aanpak. In dergelijke scholen werken leerlingen veel zelfstandig, vaak met behulp van ICT. Het is vaak mogelijk om minder tijd te besteden aan vakken waar je toch al goed in bent, zodat je meer tijd overhoudt voor de vakken waar je minder goed in bent. Het onderwijs kan op deze manier effectiever worden. . Vaak is het mogelijk om vakken waar je goed in bent, op een hoger niveau te doen. Een voordeel van gepersonaliseerd leren is dat het de motivatie vaak vergroot. 

Er zijn verschillende vormen van gepersonaliseerd leren. Voorbeelden zijn Big Picture Learning en Kunskapsskolan, een onderwijsconcept dat eind jaren '90 in Zweden is ontwikkeld, met als doel dat iedere leerling op school het beste uit zichzelf haalt. Veel scholen hebben enkele elementen van deze concepten ingevoerd. Ze stellen dus zelf tussenvormen van gepersonaliseerd leren samen, om het binnen hun eigen school uitvoerbaar te houden. 

Gepersonaliseerd leren betekent niet dat de leerlingen zelf bepalen of en wat ze doen op school. Vooral in het begin krijgen ze juist veel structuur en sturing om te leren omgaan met deze manier van leren. Docenten treden daarbij op als coaches, die de leerlingen helpen bij het vormgeven van zijn leerproces. Ze staan minder voor een grote groep klassikaal les te geven. Uiteindelijk behaal je op deze scholen een regulier diploma voor vmbo, havo of vwo of nu ook MBO. 

ROL VAN DE DOCENT

Door de nadruk op zelfregulerend leren verandert ook de rol van de docent. De nadruk in de rol van de docent ligt minder op klassikaal kennis overdragen, en meer op het begeleiden op maat van de individuele leerling, coachen en arrangeren van leerinhouden. Bovendien moeten docenten in staat zijn met learning analytics te werken, waarmee ze leerresultaten kunnen bijhouden en voorspellingen kunnen doen over het leertraject van hun leerlingen. 

Learning analytics is het meten, verzamelen, analyseren en rapporteren van en over data van leerlingen en hun leeromgeving. Learning analytics heeft als doel het begrijpen en optimaliseren van het leren en de leeromgeving waarin dit plaatsvindt. 

Gepersonaliseerd leren wordt internationaal door velen beschouwd als het onderwijs van de toekomst. Leerlingen krijgen daarbij meer regie over hun persoonlijke leerpad, waarbij individuele mogelijkheden en leerdoelen het uitgangspunt zijn. Leerlingen geven dit leertraject mede zelf vorm, bepalen hun eigen leerdoelen en zetten de voor hen meest efficiënte middelen in om de doelen te behalen. Daarbij uiteraard deskundig begeleid door hun docent, die dankzij digitale technologie iedere leerling nauwgezet kan volgen. 

GELIJKE KANSEN

Het principe van gelijke kansen voor iedere leerling en de daar als vanzelfsprekend aan gekoppelde identieke onderwijsroute voor iedere leerling, voldoet volgens velen niet meer. Natuurlijk heeft iedere leerling recht op dezelfde kansen en mogelijkheden, maar die worden niet benut als dat gelijkstaat aan het volgen van een voorgeschreven spoorboekje. Dan wordt voorbijgegaan aan de kwaliteiten die iedere leerling in zich draagt, maar die vaak nog wel naar boven moeten worden gehaald door de leerling uit te dagen.

Onderwijs op maat biedt kansen om talenten te ontdekken en te ontplooien. Aan leerlingen, maar even zo goed aan hun docenten die hun vakmanschap en creativiteit volop kunnen inzetten om persoonlijker onderwijs vorm te geven. Gepersonaliseerd leren is daarmee voor het hele onderwijs een veelbelovende ontwikkeling, maar slaat ook wel eens door. 'Niet ieder kind is toegerust om zijn eigen leerweg uit te stippelen'. 

Zo'n vierhonderd mbo-leerlingen op het ROC van Van Manen kregen onder het mom van 'flexibel leren' en 'meer maatwerk' veel vrijheid in de manier waarop en het tempo waarin ze hun leerdoelen moesten halen. Docenten moesten hen als 'leercoach' daarbij begeleiden, maar liepen tegen allerlei praktische en pedagogische problemen aan.

Van Manen signaleert hoe een deel van de leerlingen, met name op niveau 3, moeilijk uit de voeten kan met het onderwijsconcept en achterop raakt. Van Manen is niet tegen gepersonaliseerd leren. 'Maar gepersonaliseerd leren is een containerbegrip, dat je op honderd manieren in kunt voeren. Laat je leerlingen zwemmen, dan komt het met een deel niet goed. Ik denk dat het voor mbo'ers zeker mogelijk is, maar dan zul je het gestructureerd neer moeten zetten, met duidelijke sturing en begeleiding. En gooi niet meteen alle lessen overboord, want die zorgen voor een stevige basis.'

Hoewel Van Manen haar hele verhaal heeft geanonimiseerd verschenen half januari in de regionale, maar ook in de landelijke pers verhalen dat zij naar aanleiding van publicatie van dit boek door haar directie geschorst is. De directie van dit mbo stelt dat de manier waarop kritiek is geuit niet acceptabel is. 'De vrijheid van meningsuiting en kritische, inhoudelijke feedback juichen we natuurlijk toe, maar een aantal spelregels heeft de schrijfster overtreden.' Een vergelijking met eenzelfde situatie uit 2005 is snel gemaakt. Toen verzamelde docent Kees Beekmans zijn columns uit Trouw tot een spraakmakend boek: 'Eén hand kan niet klapt'. Hierin beschreef hij zijn ervaringen als docent Nederlands op een zwarte vmbo-school in Amsterdam. Beekmans werd door zijn school het zwijgen opgelegd. Hij ging vervolgens schrijven en werken in Marokko. Het is te hopen dat Van Manen haar werk in Nederland kan blijven doen. 

Nico Schouws - Remediaal / nr. 1, jaargang 20 (2020)

9. Recensie van: Zorg Primair - Vakblad voor primair en speciaal onderwijs

De auteur beschrijft uit eigen opgedane ervaring hoe een veranderingsproces van (meer) klassikaal onderwijs naar gepersonaliseerd onderwijs is verlopen. Klassikale lessen maken plaats voor het zelfstandig behalen van doelen, docenten werden leercoaches en lokalen werden leerpleinen met alle plussen en minnen daarbinnen. Wat betekent dit alles voor het docentenkorps? Hoewel het een mbo-college betreft, reikt dit boek allerlei 'valkuilen' aan die in dit proces van ruim twee jaar verlopen is. Het boek bestaat uit drie delen. Deel I beschrijft wat aan het veranderingsproces vooraf ging (voorbereiding door leiding: idee of plan?). Deel II gaat over het eerste jaar na invoering (2017-2018). En deel III: het tweede jaar na invoering (2018-2019). 

Dit persoonlijke verhaal biedt een concreet inzicht in hoe dit proces verloopt, wat het betekent voor docenten, studenten, leiding en ouders. De 'valkuilen' worden duidelijk aangereikt en soms overkomt de lezer een tenenkrommend gevoel. Met alle goede bedoelingen en zonder een écht veranderingsplan kun je studenten uiteindelijk behoorlijk benadelen. En het verloop in het docentenkorps is daar mede de consequentie van. Een openhartig relaas!

Redactie - Zorg Primair / nr. april 2020


Terug naar de startpagina: HOME